Dagblad de Limburger, 9 april 2004.
'Hoogmoed directie komt voor de val'
Venray - Door Jan Houba
De hinderlijke milieu-effecten van vliegveld Niederrhein worden uitgestrooid
over het aangrenzende Noord-Limburg en Oost-Brabant. Terecht maken
verantwoordelijke bestuurders zich daar zorgen om.
Het spreekwoord 'hoogmoed komt voor de val' kwam bij mij op, toen ik het artikel
in de krant las over vliegveld Niederrhein en de uitspraken daarin van directeur
Van Elk. Het heeft mij zeer gestoord. Iemand die zich qua toon en inhoud zó
uitlaat als Van Elk, is geen knip voor zijn neus waard. Als ik daar
verantwoordelijk bestuurder zou zijn, dan was ik snel klaar met die man:
ontslag!
Want blijkbaar heeft de heer Van Elk nog nooit gehoord van 'maatschappelijk
verantwoord ondernemen'; iets waar wij aan deze kant van de grens serieus mee
bezig zijn. Ondernemers die uit zijn op duurzaamheid en continuïteit hebben dat
inmiddels tussen de oren, omdat ze van de noodzaak daarvan overtuigd zijn.
Tegenwoordig houden wij ons hier niet alléén bezig met profijt en
winstmaximalisatie, maar kijken verder dan onze neus lang is; hier wordt ook
gekeken naar bijvoorbeeld milieu-aspecten, arbeidsomstandigheden en naar de
omgeving waarin gewerkt wordt. De grens is blijkbaar nog steeds een barrière.
Van Elk houdt blijkbaar meer van opgeklopte ballenpraat, of gemanipuleerde
cijfers, uitsluitend mooi-weer-boodschappen en dergelijke. Het moet allemaal
positief zijn en glad verkocht worden. Maar voor de effecten van Niederrhein is
de grens geen barrière; de hinderlijke milieu-effecten worden uitgestrooid over
het aangrenzende Noord-Limburg en Oost-Brabant.
En terecht maken verantwoordelijke bestuurders zich daar zorgen om en druk over;
zij hebben op te komen voor de belangen die aan hen zijn toevertrouwd en voor de
belangen van hun burgers. Ik heb in dat verband waardering voor het
gemeentebestuur van Bergen en voor burgemeester D.Klaverdijk in het bijzonder,
die zich terecht door niemand de les laat lezen en de mond laat snoeren. Daar
kan het gemeentebestuur van Venray nog wat van leren, want dat bestuur
interesseert het geen bal dat bij oostenwind bijna al het dalend verkeer naar
Niederrhein laag over de stedelijke bebouwing van Venray komt; die hebben alleen
maar oog voor de economische effecten (maar die zullen nog moeten blijken) en
willen blind aandelen Niederrhein kopen.
Want Van Elk kan dan wel snoeven met zijn vliegveld. De dagelijkse praktijk van
regionale vliegvelden elders leert wat anders. Kijk maar naar Eindhoven,
Maastricht Aachen Airport (MAA)en Eelde/Groningen; allemaal zieltogende
vliegvelden die óf met kunst en vliegwerk in bedrijf worden gehouden óf
voortdurend verliesgevend zijn en moeten afslanken (zie MAA).
En als morgen V-Bird omvalt (toch niet ondenkbeeldig in de woelige en marginale
vliegtuigbranche) dan blijft er van het opgeklopte plaatje van de heer Van Elk
ook niets over. Het zal allemaal nog moeten blijken hoe het zal gaan en hoe
duurzaam het zal zijn.
Het is verstandiger dat hij op een goede manier met zijn omgeving en de spelers
in dat veld omgaat, zijn grote mond thuis laat en zich eens verdiept in de
inhoud van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Voor mij zijn een gezond
leefmilieu en een prettige woonomgeving tenminste even belangrijk als een
gezonde economie.
En prijsvechters zijn er genoeg, evenals vliegvelden -ik tel er drie- in een
straal van vijftig kilometer waarmee je met die jongens kunt vliegen.
Het enige voordeel dat ik als burger uit deze regio ten aanzien van Niederrhein
kan ontdekken is dat je met de fiets naar het vliegveld kunt; dat is heel
bijzonder.
Jan Houba is bestuursjurist en was tot 2002 wethouder Economische
Zaken van Venray