STICHTING PLATFORM VLIEGVELD LAARBRUCH

Secr.: Hens Borkent, Kendelweg 2, 5853 EL Siebengewald

tel. 0485 441497, fax 0485 442144

borkent@cmbi.kun.nl

http://come.to/laarbruch-nee

 

 

Nieuw Bergen, 5 februari 2001

 

 

Verzoekschrift aan de leden van

De commissie voor Verkeer en Waterstaat van

De Tweede Kamer der Staten Generaal

Inzake Flughafen Niederrhein (Laarbruch) te Weeze, Duitsland.

 

 

Samenvatting

In verband met het lopende overleg tussen de minister van Verkeer en Waterstaat en haar collega in de Duitse deelstaat Nordrhein-Westfalen vragen wij u en uw collega-kamerleden om zich intensief te bemoeien met het Duitse voornemen om de voormalige Engelse NATO-vliegbasis Laarbruch om te bouwen tot een burgerluchthaven. De kwestie is in een beslissende fase gekomen. Onder meer door de aanwijzing van een groot deel van de gemeente Bergen (L) als Nationaal Park, de vogel-richtlijn en de overige milieuvraagstukken naast de luchtvaarttechnische vraagstukken stijgt het probleem ver boven het werkterrein van het ministerie van Verkeer en Waterstaat uit. Ook de ministeries van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij en van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer zijn betrokken.

 

Wij vragen u daarbij het volgende.

1.             Te overwegen of een verdrag tussen Nederland en Duitsland niet voorafgegaan moeten worden door een MER aan Nederlandse zijde inzake de gevolgen van het Duitse voornemen voor Nederland. Omdat de bestaande regelgeving dit niet automatisch impliceert, moet de wetgever ingrijpen en de regering meedelen dat zij pas het verdrag wil goedkeuren als er een MER inzake Laarbruch ligt.

2.             Laarbruch expliciet in het verdrag op te nemen opdat geen veranderingen in de status kunnen optreden zonder dat de Nederlandse wetgever daarbij betrokken is.

3.             Alle handhavings- en sanctiemaatregelen in het verdrag op te nemen conform de Nederlandse maatstaven en inspraak te regelen conform de Nederlandse regelgeving

4.             Sancties automatisch van kracht te laten worden bij overtreding van de regels

5.             Vast te stellen dat uitbreiding van activiteiten van Laarbruch volstrekt ongewenst is.

 

Toelichting

De Stichting Platform Vliegveld Laarbruch te Bergen (L) is het aanspreekpunt van en voor de bevolking van Bergen en omstreken inzake het Duitse voornemen om van de voormalige Engelse NATO-vliegbasis Laarbruch een burgervliegveld te maken. Het platform is een door brede lagen van de bevolking gedragen, a-politieke organisatie met tussen de zestig en honderd actieve burgers en met intensieve contacten met andere, ook Duitse, groeperingen die zich tegen de komst van een burgerluchthaven verzetten. Het opereert in nauw overleg met het gemeentebestuur van Bergen(L). De discussie rond de Duitse plannen loopt al bijna drie jaar en leidt tot fel verzet van de bevolking aan Nederlandse zijde, met name omdat Nieuw Bergen, Bergen en Vierlingsbeek in het verlengde van de start- en landingsbaan liggen. Vooral de bevolking van Nieuw Bergen is jarenlang geterroriseerd door de vluchten naar en vanaf dit vliegveld. De laatste 12 jaren is het rustig.

 

Dit vliegveld zou er niet moeten komen.

1.             In het verlengde van de startbaan liggen drie woonkernen, Nieuw Bergen op 3 km, Bergen en Vierlingsbeek. 

2.             Een groot deel van de gemeente Bergen is aangewezen als nationaal landschapspark en een uitbreiding in noordelijke richting is voorzien. Het Nationaal Park Maasduinen zal binnenkort zijn beslag krijgen. Dit verdraagt zich niet met de activiteiten rond een luchthaven.

3.             De gemeente Bergen heeft zich ontwikkeld tot een gebied voor recreatie, een groot deel stilterecreatie. Sinds het stilleggen van de Engelse luchtmachtbasis heeft de recreatie een grote vlucht genomen. Vanwege het unieke karakter van de natuur is in het streekplan de functie van de gemeente Bergen recreatie en landbouw. Groei van industriële en logistieke bedrijvigheid is uitgesloten. Overvliegende vliegtuigen verstoren deze doelstelling.

4.             Er heeft onvoldoende onderzoek plaatsgevonden naar de gevolgen voor de Nederlandse regio

4.1.            Naast de punten 2 en 3 zij vermeld dat op verzoek van Minister J.P. Pronk de MER-commissie zich heeft gebogen over de Duitse rapporten. Het rapport van de MER-commissie gaf een zodanig vernietigend oordeel over het Duitse onderzoek voor de gevolgen aan Nederlandse zijde dat het bijna zeker is dat in een Nederlandse procedure een vliegveld op milieugronden zou zijn afgewezen. Door de Europese regelgeving is echter in dit geval de Duitse wetgeving maatgevend.

 

Er zijn van Nederlandse zijde ruim drieduizend bezwaarschriften ingediend bij de regering van Nordrhein-Westfalen. De bezwaarschriftenprocedures in Nederland en Duitsland verschillen sterk. De verwachting is dat binnenkort door de deelstaatregering vergunning verleend wordt voor het vliegveld. Daarmee wordt het regionale vraagstuk een nationaal vraagstuk omdat de relatie tussen beide buurstaten in het geding is. Bescherming van de Nederlandse burger zal dan afhangen van een overeenkomst tussen Nederland en Duitsland inzake de luchtbewegingen bij start en landing over Nederlands grondgebied. In het lobbycircuit kunnen in dat geval andere niet ter zake dienende argumenten een rol gaan spelen.

 

Naar aanleiding van het Duitse voornemen om van Laarbruch een burgervliegveld te maken, heeft overleg plaats tussen Nederland en Duitsland over de algemene voorwaarden te stellen aan regionale vliegvelden die in het grensbereik opereren. Dit overleg moet leiden tot een staatsverdrag tussen beide landen. Gezien de nu ontstane situatie is dit staatsverdrag voor de inwoners van onze regio van eminent belang.

 

Essentieel is dat in alle gevallen regionale vliegvelden over de grens op dezelfde wijze behandeld worden als regionale vliegvelden op Nederlands grondgebied. Dat wil zeggen

1.      geen nachtvluchten tussen 23:00 en 06:00 uur.

Aangezien de regelgeving in beide landen verschilt, moet in elk geval geregeld worden

2.      wat de maximale omvang is in vliegbewegingen, geluidsbelasting, soort vliegtuigen enzovoort,

3.      hoe de controle op de naleving gebeurt en wat de bevoegdheden van overheden en burgers zijn

4.      welke de automatische sancties zijn bij niet naleving

5.      hoe het overleg en de besluitvorming plaatsvinden voor bijzonder vluchten, zoals in de weekeinden


Gezien onze eerdere argumenten zijn wij nog steeds van mening dat het vliegveld er niet moet komen. Het beste besluit dat u als kamer kunt nemen, is om vast te stellen dat Nederland niet kan instemmen op grond van de belasting voor de bevolking en de locale economie en van het feit dat het om een Nationaal Park en recreatiegebied gaat. De conclusie van de MER-commissie zou al voldoende moeten zijn om toestemming van Nederlandse zijde op dit ogenblik niet te geven.

 

Mocht om allerlei redenen zo’n besluit niet haalbaar zijn dan dienen de voorwaarden helder en volledig opgenomen te zijn in het staatsverdrag. De situatie wijkt af van de situatie rond Nederlandse regionale vliegvelden in die zin dat, als een en ander niet in een verdrag geregeld is, het Nederlandse parlement geen vergelijkbare zeggenschap meer heeft over toekomstige ontwikkelingen. Een staatsverdrag is het enige instrument dat in de toekomst voldoende juridische basis biedt om ongewenste ontwikkelingen te voorkomen. Het belang van het staatsverdrag is dat een wijziging daarop automatisch leidt tot procedures aan Nederlandse zijde zodat bijvoorbeeld dan de MER-commissie kan worden ingeschakeld.

 

Wij vinden het nogal schokkend dat door de huidige Europese en Nederlandse wet- en regelgeving een zo negatief advies van de MER-commissie niet automatisch een weigering van Nederlandse zijde impliceert om mee te werken aan het tot stand komen van de burgerluchthaven totdat een MER-rapportage heeft plaatsgehad. Het heeft ons in ieder geval gesterkt in onze opvatting dat wij niet ten onrechte protesteren. Het minste dat wij van u als wetgever kunnen vragen is om door een goed geformuleerd staatsverdrag een eventueel verzoek tot uitbreiding wel onder de werking van de wetgeving en onder uw controle als kamer te brengen.

 

Dit probleem klemt te meer omdat in Duitsland geen MER-procedure voor Laarbruch kan worden afgedwongen op grond van een recente wet die niet voor haar bedoeld was. Om de milieu-problematiek rond militaire terreinen in de voormalige DDR op te lossen heeft de Duitse wetgever de conversie van militaire terreinen uitgesloten van de MER-plicht. Het is natuurlijk de vraag of zoiets kan vanwege de Europese regelgeving. Belangrijker voor u is de vraag of Nederland de gevolgen van deze wet voor haar grondgebied moreel en gezien de bedoeling van de MER-wetgeving kan accepteren.

 

Naar onze overtuiging bestaat er rond het beoogde staatsverdrag een staatsrechtelijk vraagstuk inzake de Nederlandse soevereiniteit. Het kan toch niet zo zijn dat een staatsverdrag tussen Nederland en Duitsland zo geformuleerd is dat de facto het Nederlandse parlement de zeggenschap over haar grondgebied uit handen geeft. Dit gebeurt naar onze mening als niet wordt vastgelegd hoe handhaving plaats vindt en erger nog als niet is vastgelegd dat elke verandering in status en uitbreiding goedkeuring van het parlement behoeft.

 

De strategie van de Flughafen Niederrhein is erop gericht om eerst toestemming te verkrijgen en om vervolgens het vliegveld uit te breiden. De formele stukken spreken van een klein vliegveld, investeerders worden gelokt met de perspectieven van een groot. Dit is ook heel begrijpelijk. De luchthaven is naar het zich laat aanzien als kleiner vliegveld niet economisch rendabel te exploiteren. Dit betekent dat er in de komende jaren onvermijdelijk druk ontstaat om de vergunning te verruimen. Als de volledige controle over deze vergunning niet in een democratisch controleerbaar verdrag is geregeld, dreigt een stelselmatige verruiming van de vergunning. Wij willen geen Beeksyndroom en zeker niet als het buiten de controle van de volksvertegenwoordiging plaatsvindt.


De Duitse lobbymachine draait volop. Minister-president W. Clement van Nordrhein-Westfalen  wil binnenkort met premier W. Kok spreken om toestemming “in de randen van de nacht” te verkrijgen. Het vraagstuk is aan Nederlandse zijde te complex om in zo’n gesprek tot enige conclusie of toezegging te komen. Wij hopen dat u de regering duidelijk maakt dat de beslissings-bevoegdheid in dezen bij u ligt.

 

In een eerdere brief hebben wij u de samenvatting van het rapport van de MER-commissie, dat u overigens volledig op onze Website kunt vinden, twee eerdere brieven aan diverse ministers en ons bezwaarschrift gestuurd.

 

 

Stichting Platform Vliegveld Laarbruch

Dr. H.F.J.M. Buffart

voorzitter

 

Burgemeester van Kempenstraat 4

5854 CA Nieuw Bergen

Telefoon +31 485 34 15 29

Telefax   +31 485 34 37 39

Mobiel    +31 655 32 77 81

E-post      H.F.J.M.Buffart@planet.nl

 

 

 

Dr. J.H. Borkent

Secretaris

Zie briefhoofd